Vanaf 1 januari 2025 gelden nieuwe tarieven voor de tussenkomsten van gerechtsdeurwaarders in burgerlijke en handelszaken. Het gaat om een indexering.
Het is de eerste keer dat de tarieven geïndexeerd worden sinds de hervorming van het tariefstelsel op 1 oktober 2024. Het TariefKB van 1976 werd grondig herzien om zowel de regels als de tarieven te moderniseren.
De hervorming focust op meer eenvoud en transparantie zodat misbruik en ‘niet-geoorloofde kosten’ sneller en efficiënter aan het licht komen. Er zijn ook diverse aanpassingen doorgevoerd om betalingen te faciliteren en goedkoper te maken. Zo zijn bijvoorbeeld de kwijtingsrechten afgeschaft en is het inningsrecht vervangen door een degressief en voorspelbaar invorderingsereloon. Dit biedt burgers en ondernemingen met betalingsmoeilijkheden de mogelijkheid om hun betaling te spreiden in de tijd zonder dat dit de schuld exponentieel doet stijgen.
De tariefregeling werd afgestemd op de huidige juridisch-maatschappelijke context en digitale wereld. Kosten en vergoedingen die niet langer actueel zijn, zijn afgeschaft (bv. papierbehoeften), voor taken die nog niet vergoed werden is voorzien in een vergoeding (bv. loonoverdrachten). Ook het tarief zelf is vereenvoudigd zodat de rechtszoekende een helder beeld krijgt van de kostenstructuur. De voormalige gegradueerde ‘rechten’ zijn beperkt tot 3 klassen (klasse A tot 2000 EUR, klasse B van 2000,01 tot 5000 EUR en klasse C vanaf 5000, 01 EUR en voor alle zaken met onbepaalde waarde of van gemengde aard) en diverse kostenposten verdwijnen.
Indexering
De nieuwe regels en tarieven zijn van toepassing op alle akten die sinds 1 oktober 2024 worden betekend en alle prestaties die sinds die dag worden verricht. Maar net zoals vroeger worden de tarieven jaarlijks op 1 januari aangepast aan de inflatie.
De tabellen met de geïndexeerde bedragen voor het jaar 2025 zijn op 31 december 2024 in het Belgisch Staatsblad verschenen. klik
hier om deze tabel te bekijken.